maandag 21 april 2025

MAGISCH


Ik ben de afgelopen weeek veel in de polder geweest. Het is daar zo mooi nu met al die grutto's, tureluurs, kieviten en niet te vergeten de vele hazen. Ik was van plan er zaterdag ook heen te gaan, deze keer met Anneke en de kleine Zoey. Maar Anneke wilde niet te ver fietsen, dus besloten we naar park Randenbroek hier in de stad te gaan. Dat is nog geen tien minuten rijden. Daar aangekomen zette Zoey het op een lopen naar de speeltuin, want daar is ze dol op. Wij kwamen er in een wat rustige tempo achteraan. Voor we ook maar neer konden strijken op een bankje in de zon werden we al opgehouden door twee meisjes die helemaal verrukt waren van Diva. De "Oh wat lief!" "Ah, wat een schatje." "Mag ik haar aaien?" kreetjes waren niet van de lucht. Nu vindt Diva zulke belangstelling gelukkig heerlijk. Men is immers een diva? Wat bovendien meespeelt is dat ze weet dat ik doorgaans de kinderen een hondenbrokje geef dat ze dan weer aan haar geven. Niet alleen bij mannen, maar zeker ook bij honden gaat de liefde door de maag.

Goed, uiteindelijk konden we  plaatsnemen op een van de bankjes. Heerlijk in de zon zitten met niets anders te doen dan kletsen en af en toe kijken of Zoey geen gevaarlijke fratsen uithaalt op de speeltoestellen. Wat een leven. Maar na pakweg drie kwartier werden we het stilzitten toch een beetje zat. We zijn het park op ons gemak verder in gewandeld tot achter Huis Randenbroek. Daar is een grasveld met een vijver en uitzicht op het landhuis. Uiterard waren we niet de enigen die er kwamen genieten van het voorjaar. Dat vind ik zo leuk van stadsparken en stadsmensen: zodra het mooi weer is zitten ze op de gazons. De mensen bedoek ik hè, niet de parken. Ze zonnen op meegebrachte plaids, ze luisteren naar hun favoriete muziek, ze drinken een glaasje wijn uit koelers. Kortom: ze genieten van buiten zijn. En iedereen is vriendelijk. Weg met de korte lontjes. Diva dartelt van plaid naar plaid, komt even goedemiddag kwispelen en ze wordt overal verwelkomd met aaitjes. Ook zij heeft een goed leven, een hondenleven. 

Zoey vond vooral de vijver en de eenden interessant. Water waar je niet te dichtbij mag komen is nu eenmaal enorm aanlokkelijk voor een ondernemende peuter. "Niet te ver over de rand lopen Zoey." leverde een grijns en een uitdagend blik op. En uiteraard moest mevrouw de hele rand gauw lopen voor Anneke kon ingrijpen. Heerlijk is dat om te zien. Vooral omdat het niet mijn kind is en ik me de tijd dat mijn eigen kinderen zo deden goed herinner. Puur leedvermaak. Nogmaals: heerlijk. Wat minder leuk was was het feit dat ik even later op de terugweg door het park per ongeluk Zoey omver reed. Dat kwam zo: Ik was bezig met mijn scootmobiel door een iets te nauw zigzaghekje te manoeuvreren en natuurlijk wilde Zoey op dat moment ook door datzelfde hekje. Waar anders in een park van zeker drie hectare? Ik raakte haar omdat ik echt even moest vorkomen dat ik vast kwam te zitten en zij ondanks diverse waarschuwingen van haar moeder niet opzij wenste te stappen. Met mijn geringe snelheid was het gelukkig maar een lichte aanraking, maar ze kukelde desondanks voorover over een liggende boomstronk. Ik schrok me wezenloos en de arme Zoey denkelijk ook. Alleen Anneke, de ontaarde moeder, lag in een deuk. Over leedvermaak gesproken. Gelukkig mankeerde het kind niets, ze was alleen enorm geschrokken en wilde alleen nog maar in haar moeders armen huilen.


Natuurlijk zou een rit niet een rit zijn zonder ontmoetingen, zelfs niet zo'n kort ritje. Terwijl we over het pad naar het landhuis wandelden hoorden we prettig aandoende klanken, meditatieve klanken, op ons afkomen alsof er iemand zacht op diverse gongs sloeg. Op een van de vele bankjes ontwaarden we een meneer die op zijn schoot iets had liggen dat er in eerste instantie uitzag als zo'n kleine kogelvormige barbecue. Hij sloeg er ritmisch op op diverse plekken zoals je bij voorbeeld op bongo's zou slaan. We hebben even staan luisteren tot hij ophield. Natuurlijk wilden we weten wat dat nu voor instrument was. Het bleek een percussie instrument te zijn waarvan ik me de naam even niet zo snel meer herinner. De man vertelde ons dat er op diverse plekken in de boven- en zijkanten verschillende zuivere klanken waren aangebracht waar je op diende te slaan.. De kogelvorm diende als klankkast. Mooi ding.

Ook kwamen we nog een mevrouw tegen die met een fraaie airedale terrier liep. We rakten aan de praat over het ras en ik vertelde haar dat ik als jochie van tien met de airedale van mijn oom hele wandelingen maakte. Zij op haar beurt vertelde dat haar vader er altijd een had en dat ze dus met het ras was opgegroeid. Al kletsend over hondenrassen die je in de jaren '50 en '60 meer zag dan nu ontdekten we dat we van dezelfde leeftijd waren en dat we beiden dezelfde soorten honden vroeger leuk vonden. Ik hou zo van zulke ontmoetingen en van de leuke, vaak boeiende gesprekken die erbij ontstaan. Maar weet je wat het is met die leuke ontmoetingen? De tijd vliegt tijdens die gesprekken, ze glipt tussen je vingers door als zand. Zo zagen wij tot onze verbazing ineens dat ons uurtje in het park ongemerkt ruim drie uurtjes waren geworden. Dus snel op weg naar huis. Moe en rozig, maar met een goed gevoel. Zoey was zelfs zo afgemat dat ze achterop de fiets in slaap viel. Bij hun huis aangekomen schrok ze wakker. Ze keek compleet verbluft om zich heen, herkende plots haar eigen huis en ze riep met grote ogen van verbazing "Mama!" terwijl ze naar de flat wees. Dat is mooi aan de wereld van een kind. Zo ben je in het park en plotsklaps ben je thuis. De wereld is magisch. En die magie raken we kwijt als we ouder worden.




zaterdag 12 april 2025

GEWOON BIJZONDER

Ik heb al heel lang niets geschreven hier. Vier maanden niet. Ik heb 's winters sowieso minder inspiratie omdat ik niet zoveel en zo lang buiten ben als in de andere seizoenen. En ik was ook druk met allerlei andere dingen. Maar met het weer van de afgelopen tijd ben ik uiteraard elke middag weer urenlang buiten. Dat waren heerlijke dagen. En ineens, geheel onverwacht, kan er dan zo'n dag tussen zitten die bijzonder is. Gisteren was zo'n dag. Ik reed met Diva op mijn gemak langs de Eem, genietend van de warme voorjaarszon op mijn gezicht en van de wind in mijn haar. Ik keek wat rond naar het felle geel van de paardenbloemen in de bermen, het wit van de madeliefjes en het paars van de hondsdraf. Alle drie heel gewone veel voorkomende planten, maar daarom niet minder mooi. Ik zat daardoor al rijdend wat te mijmeren over dat gewoon zo prachtig kan zijn. Zo zag ik bij voorbeeld twee eenden in een weiland. Iedereen kent ze en iedereen weet hoe mooi gekleurd het mannetje is. Maar ik kijk graag naar de vrouwtjes eenden. Ze zien er op het eerste gezicht onopvallend bruin uit, zo gewoontjes. Maar als je eens goed kijkt zie je hoeveel tinten bruin ze hebben en uit  hoeveel patronen hun verenkleed bestaat. Ze zijn prachtig.

Enfin, terwijl ik naar die eenden keek ontwaarde ik op de achtergrond een grote witte vogel. Ik nam aan dat het een zilverreiger was, omdat die er vaak lopen. Maar omdat mijn zus Monique me had verteld dat zij in die omgeving een lepelaar had gezien, pakte ik mijn verrekijker er toch maar bij. En warempel zeg: het was een heuse lepelaar. Ik wilde er rustig naar kijken zonder andere weggebruikers te hinderen, dus reed ik fluks naar een kazemat wat verderop waar ik makkelijk kon stoppen. Daar aangekomen zag ik een mevrouw staan die met haar telefoon een foto maakte van de vogel. Ze sprak me enthousiast aan dat er in de verte een lepelaar stond.en dat het helaas te ver was om met haar telefoon een goede vergroting te maken. Nu heb ik altijd in mijn tas als reserve mijn oude kijkertje mee. Die bood ik haar aan, zodat ze ook kon genieten van de lepelaar. Zwijgend stonden we minuten lang naast elkaar met onze kijkers voor de ogen, ieder in de eigen bubbel. Toen overhandigde ze me de kijker en ze bedankte me. Ze keek me recht in de ogen en ik keek terug. Ik weet niet goed hoe ik moet omschrijven wat er gebeurde. De tijd leek stil te staan, de wereld was weg, er waren alleen nog onze ogen. Het leek eindelos te duren, maar in werkelijkheid zal het hooguit enkele minuten in beslag hebben genomen. Plots zag ik tranen opwellen in haar ogen en met hoorbaar aangedane stem zei ze "U ontroert me." Toen was deze zot natuurlijk ook meteen ontdaan en om dat wat te verhullen bood ik haar een schone zakdoek aan. We hebben daar nog een minuut of twintig rustig staan praten over ontmoetingen, verbinding maken met mensen, over klein geluk en genieten van de natuur. Daarna hebben we elkaar een fijne dag gewenst en zijn we ieder ons weg gegaan. En zo eindigde wat een rit over gewone dingen leek te worden zomaar met een opmerkelijke ontmoeting.

Ik weet niet waarom mij altijd zulke dingen overkomen, maar ik ben er blij mee. Het is toch gewoon bijzonder?